betrekkelijk goed weer
het zwerk nogmaals ongeschoren
de lucht zuigt zich vast
aan elke schoorsteen
in haar uitgedroogde schoot
met staande voet
zwalkt ze door overvolle straten
en wij
elke afzonderlijk
bijten wij haar nagels af
marionetten
van het dagelijks theater
bezingen wij de eenzaamheid
van een uitgezongen buikspreker
onleesbaar
de vergeelde pagina’s
op ons gezicht
geen enkel woord
bereikt de grond