januari 20, 2010 Door Michael Bijnens
met kapotte knieën op een tegelvloer
wordt het visvoer
dat in haar glimlach zat
uit gans haar keel gekotst
de spataders in haar ogen
kunnen niet meer wenen
zijn niet meer bloeddoorlopen
en uit ieders zicht verdwenen
maar goed
langs haar nagels
blijkt zijn gezicht nog in de buurt
ze houdt van hem
ze danst met hem
terwijl ze met haar blote bakkes
langs de muren schuurt
Geplaatst in Uncategorized | Leave a Comment »
januari 13, 2010 Door Michael Bijnens
zo heb ik haar waarschijnlijk
nooit zien liggen
maar ze ligt er
als een onbeslapen
kapotgeneukte
massa vrouw
geradbraakt moeiteloos
ademt ze fles na fles de coca cola
naar het bodemloze van haar lijf
en staart de wereld aan
zolang die plat en vierkant
en zonder enig voortbestaan
ook elders zoekt ze naar haar ogen
ziet alleen maar muren
gladde oppervlakken
die alsmaar op de ruimte blijven plakken
als ik ze vind, dan kijk ik niet
Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie »
januari 13, 2010 Door Michael Bijnens
de hoerenzoon
gemaskerd en gemazeld
met een door bijzonderheden
geperforeerd verleden
zit toch maar weer gewoon
aan een leegstaande tafel
en rookt een sigaret
de wereld als pervers sonnet
kan hij wel zeggen
van alles de onderkant gezien
maar net als de peuk
die aan zijn ogen brandt
is een pen lang niet zo bijdehand
ondersteboven
de papieren filter
ligt onderhand te smeulen op dit blad
en krabt de assen uit zijn gat
zo breedsprakerig
dat mij niets rest dan uit te doven
Geplaatst in Uncategorized | Leave a Comment »
januari 5, 2010 Door Michael Bijnens
mijn pik even leeg als deze pen
waarvan de inkt alleen maar lijnen
schreef; de randen van verzonken duinen
zo zijn wij verminkt
maar ook dat is liefde
en eigenlijk alleen maar dat
ach, wat een moeilijk woord
misschien beter te verbannen
naar de eremologie
in een begraven boek
zo weinig ben ik dan
(bij jou)
korrel na korrel na korrel
in de modder van jouw schoot
blaas mij weg
maar wees dan op z’n minst de wind
Geplaatst in Uncategorized | Leave a Comment »
juli 24, 2009 Door Michael Bijnens
het land dat licht te rotten in de zon
de natuur
bedremmeld als een moeder
die haar kind begraaft
zet haar inboedel op straat
en laat haar vogels
hangen in de lucht
de bomen
onder wier gezag
niets of niemand lacht
maken krassen in de horizon
inderdaad
je bent niet al te lelijk
want krullen vallen ’s winters niet
en borsten verstuiven niet als zand
je kut geen bodemloze put
waaraan een gier zich laaft
want laven zal ik niet
jouw huid hangt als een spiegel
om een oppervlak
waarbuiten alles langzaam sterft
je ogen 20 keer verpakt
om niet te hoeven zien
mijn nietsontziend bederf
Geplaatst in Uncategorized | 2 Commentaar »
juli 17, 2009 Door Michael Bijnens
motregen
hangt zich als draden
aan onze onderruggen vast
voetpaden
drijven als afgezaagde
bomen langs mijn ogen
de huid is schors
en kraakt
als de stilte die zich aan je rijgt
als niemand zwijgt
gij schoonheid
waarvan alle schoonheid
afgeleid
de straten
vervangen zich
verhangen zich
aan uw afwezigheid
Geplaatst in Uncategorized | Leave a Comment »
juli 9, 2009 Door Michael Bijnens
een vrouw
met twee benen
en een rug
de enige die stond
geaard
maar ver weg
in andere grond
haar blik lag
als een plaat
om haar eigen ogen
gekromd
niet onbereikbaar
maar iemand
die zichzelf slechts in zichzelf
bevond
Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie »
juni 5, 2009 Door Michael Bijnens
lijk
door hun eigen wangen
op het gezicht
geslagen
frunniken
de mannen
aan het gemiddelde
der dagen
in de hoeken
inhaleren
doodgewone
dames
elkaars aanwezigheid
één der sigaretten
rochelt
en vat vlam
verliest de strijd
want groter dan de hel
kan die aansteker
niet zijn
Geplaatst in Uncategorized | Leave a Comment »
juni 5, 2009 Door Michael Bijnens
niet minder
dan mijn eigen vel
bind ik haar pezen
rond mijn huid
wandel ik
langs haar tenen
de toetsen
van een vermolmd
instrument
een uitgespeeld
temperament
niet minder
zal de stilte
van haar dijen
mij verdoven
Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie »
mei 26, 2009 Door Michael Bijnens
ergens sterft een hond
glazen wanden
vervangen het weer
rondom
heeft men ooit gestapeld
holle baksteen
en stalen
ruggenwervels
de laatste spat
is opgepoetst
viert haar aftocht
onder een zacht
omwentelend kompres
de parken
worden aan de randen
uitgerekt
in het gras
ligt een veld
met druppels zweet
Geplaatst in Uncategorized | Leave a Comment »